Don Quichot

Soms volg ik wat geschreven wordt, en wat geschreven wordt over wat geschreven wordt. Het verbaast me wel vaak dat alleen nieuwe boeken aandacht krijgen van de media en recensies, en dan natuurlijk ook nog maar een klein deel van de nieuwe boeken.

Laten we zeggen dat er elke maand 500 boeken worden gepubliceerd. Al die 500 boeken zijn na 3 maanden oud. Een aantal hebben wat aandacht gekregen van de media en de rest is oud papier. Nog nooit las ik een jaar na verschijnen een recensie over een boek, of twintig jaar later, of langer. Terwijl het ongetwijfeld voorkomt dat een recensent een boek uit die 500 kiest dat slechter is dan boeken die ooit eerder verschenen.

De rol van een recensie zou mijns inziens niet alleen moeten zijn dat je weet wat de recensent denkt over een boek, maar vooral waarom je een boek wel of niet zou moeten lezen. En laten er nu pareltjes zijn geschreven, die best even aandacht mogen krijgen, zodat lezers ze kunnen (her)ontdekken. Misschien is deze column een soort oproep tot het schrijven van recensies over ‘oude boeken’.

Daarom plaats ik hierbij mijn eigen recensie over een boek dat op eigen kracht bij me aankwam, als de lente bij de tak, en mijn leven veranderde: Don Quichot.

Ik was een gevoelige poëtische puber in een tijd van oorlog, lijken en angst. Overal. Op een hete middag vond ik (of vond hij mij?) in een stoffige lade in een verlaten boekhandel het boek Don Quichot. Ik kreeg het gratis van de boekhandelaar, omdat ik ook andere boeken kocht. Het boek gaat over een dun mannetje dat van de wereld een goede wereld wil maken. Hij had geen spieren, alleen maar een oud paard. Precies ik op dat moment, maar zonder paard.

Het boek begint met Don Quichot en eindigt met Don Quichot, maar toen ik het voor de tweede keer las, begon het met mij en eindigde het met Don Quichot. De derde keer begon en eindigde het met mij en de keer daarop begon het met mij en Don Quichot en eindigde het met ons allebei.

Ik verdween in het boek, elke keer dat ik het las. En als ik het nu herlees, verdwijn ik weer. Soms in het hart van Don Quichot, dan in zijn hoofd, dan zit ik op zijn paard in Spanje. De wereld heb ik niet kunnen veranderen door dat boek, maar mezelf wel. Wat mij raakte, was mijzelf.

Het boek lijkt niet geschreven te zijn, maar geleefd. Don Quichot is geen inkt geweest, maar met de woorden van filosoof Andre Hazes : bloed zweet en tranen. Echte boeken worden niet elke dag of elk jaar geschreven, maar elke duizend jaar.

De belangrijkste les van het boek, en de reden dat ik vind dat iedereen het zou moeten lezen: je hoeft niet te vechten voor je droom, alleen er een hebben is voldoende.